Een opleidingsprogramma komt tot stand in overleg tussen OR en cursusleider. Voor opleidingen voor voltallige OR'en wordt nooit met standaardprogramma's gewerkt. Elke OR-cursus wordt met een voorgesprek op maat gemaakt. De opleider houdt daarbij altijd rekening met de ervaring van de ondernemingsraad. Voor een startende OR of een OR die na de verkiezing in samenstelling sterk is veranderd, is het volgen van een meerdaagse scholing een voorwaarde om snel als deskundige OR te kunnen optreden.
OR-werk is immers werk dat moet worden geleerd. De cursussen zijn gericht op het verwerven van kennis, inzicht, vaardigheden en houding om als OR-lid én als OR goed te kunnen functioneren.
Naast de eigen onderwerpen die per OR verschillen, komen in een eerste cursus vaak de volgende onderwerpen aan de orde:
- Wet op de ondernemingsraden (WOR) en andere wet- en regelgeving, zoals de Arbowet;
- Plaats, taak en functie van de OR in de organisatie;
- Facetten van het ondernemingsbeleid, vooral het sociaal beleid;
- Strategie en werkwijze van de OR;
- Contacten met de achterban en de relatie met de bestuurder (de vaste overlegpartner).
In vervolgscholingen komen deze onderwerpen vaak op een hoger niveau weer terug. Er is dan gelegenheid dieper in te gaan op de omgeving waarin de OR moet functioneren. Ervaringen en ontwikkelingen in de onderneming spelen hier een grotere rol dan in een eerste scholing.
Bron: Praktijkblad Ondernemingsraad


Praktijkblad Ondernemingsraad is al decennialang het toonaangevende vakblad voor de OR.
Femke Lans
directeur blooming trainingsbureau