Pensioenregelingen in Nederland

De opbouw van het pensioen kan op verschillende manieren plaatsvinden. Globaal worden er twee pensioensystemen gebruikt. Bij de een is de hoogte van de pensioenaanspraken (defined benefit) het uitgangspunt en bij de ander vormen de premies (defined contribution) het uitgangspunt.

In totaal zijn er vier typen pensioenregelingen:
1. Eindloonregelingen;
2. Middelloonregelingen;
3. Beschikbare premieregelingen;
4. Combinatieregelingen.


Eindloonregelingen

Tot 2004 werd de eindloonregeling in Nederland nog het meest gehanteerd. De economische en financiële ontwikkelingen hebben veel pensioenfondsen en bedrijven doen besluiten hun pensioenregelingen aan te passen. 

Bij eindloonregelingen worden de pensioenaanspraken zodanig opgebouwd, dat elk dienstjaar aanspraak geeft op een vast percentage van het salaris dat wordt verdiend op het moment van pensionering. Bij deze regelingen wordt een pensioenuitkering toegezegd. Ze worden ook wel defined benefit-regelingen, of DB-regelingen genoemd.

In een zuivere eindloonregeling bouwt een deelnemer ieder jaar een stukje pensioen op. De deelnemer krijgt pensioen over elk dienstjaar bij de werkgever. Dit krijgt de deelnemer in de vorm van een bepaald opbouwpercentage (vaak 1,75%) van de laatst vastgestelde pensioengrondslag. Dat betekent dat de deelnemer na 40 jaar dienstjaren 1,75% x 40 = 70% van de laatst vastgestelde pensioengrondslag aan ouderdomspensioen krijgt.

In een eindloonregeling wordt bij iedere salarisverhoging (waardoor automatisch ook de pensioengrondslag hoger wordt) het pensioen dat in de voorgaande jaren bij de werkgever is opgebouwd opgetrokken tot aan het niveau van de laatst vastgestelde pensioengrondslag. Dat wordt de backservice verhoging genoemd. Zeker als een werknemer een aantal malen een behoorlijke salarissprong maakt, geeft het eindloonsysteem een zeer goed pensioenresultaat. Het gehele pensioen wordt immers opgetrokken naar het laatste niveau.

De kosten van de zuivere eindloonregeling zijn relatief hoog. Voor ieder pensioensysteem geldt dat naarmate de pensioendatum nadert pensioen steeds duurder wordt, omdat de rentedragende periode tot aan pensioendatum steeds korter wordt. Daardoor stijgt de kostprijs van pensioen. In de eindloonregeling komen daar nog eens de kosten van de backservice verhogingen bij. Een salarisverhoging aan het einde van iemands carrière (bijvoorbeeld op 60-jarige leeftijd en met 35 dienstjaren) betekent in een eindloonregeling een enorme kostenpost voor de werkgever. In dat geval moet het pensioen over de achterliggende 35 jaar verhoogd worden naar het niveau van de laatste pensioengrondslag. In veel eindloonregelingen is daarom een matiging ingebouwd. Dit is echter volgens de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid, niet meer toegestaan.

Vaak wordt ervan uitgegaan dat het eindloonsysteem per definitie het beste pensioenresultaat geeft. Toch is dat maar ten dele waar. Een eindloonregeling met een hoge franchise kan een veel minder goed resultaat opleveren dan een geïndexeerde middelloonregeling met een lagere franchise. Vooral als er sprake is van een gematigd carrièreverloop. Carrièremakers daarentegen zijn veelal beter af bij het eindloonsysteem.

Voorbeeld Eindloonregeling

Een werkneemster treedt bij haar werkgever in dienst als zij 30 jaar is. Haar pensioengrondslag bedraagt dan € 30.000. Ze neemt deel aan een eindloonregeling, waarbij de jaarlijkse pensioenopbouw 1,75% en de pensioenleeftijd 65 jaar is. Elke tien jaar, dus wanneer zij 40, 50 en 60 jaar wordt, krijgt de werkneemster een salarisverhoging. Haar pensioengrondslag wordt daardoor steeds met € 5.000 verhoogd.

Als zij 60 jaar is, is haar pensioengrondslag dus € 45.000.
Voor de pensioenberekening van de werkneemster kijken we uitsluitend naar de laatste pensioengrondslag.

Haar pensioenresultaat op haar 65e is:
35 jaar x 1,75% x € 45.000 = € 27.562,50.

Middelloonregelingen

In het middelloonsysteem of het opbouwsysteem bestaat een duidelijke relatie tussen het salaris en het pensioen dat wordt opgebouwd. In dit systeem bouwt de deelnemer ieder jaar dat hij of zij bij de werkgever in dienst is een bepaald percentage van de pensioengrondslag aan pensioen op. Vaak is het opbouwpercentage 1,75%, en de maximale opbouwperiode 40 jaar. In dat geval is het pensioenresultaat bij 40 dienstjaren 70% van de gemiddelde pensioengrondslag. In de praktijk wordt bij middelloonregelingen vaak een hoger opbouwpercentage gehanteerd, zoals 2%. Sinds 2004 is de middelloonregeling in Nederland de meest gehanteerde pensioenregeling.  
Voorbeeld middelloonregeling

Een werkneemster treedt op haar 30e in dienst. Haar pensioengrondslag bedraagt op dat moment € 30.000. De jaarlijkse opbouw in de middelloonregeling waaraan zij deelneemt is 1,75% en de pensioenleeftijd is 65 jaar. De werkneemster krijgt elke tien jaar, namelijk op haar 40e, 50e en 60e verjaardag een salarisverhoging. Elke keer wordt de pensioengrondslag daardoor met € 5.000 verhoogd.

De pensioenopbouw volgens de middelloonregeling is nu als volgt:

30-40 jaar: 10 x 1,75% x € 30.000 = € 5.250,00
40-50 jaar: 10 x 1,75% x € 35.000 = € 6.125,00
50-60 jaar: 10 x 1,75% x € 40.000 = € 7.000,00
60-65 jaar: 5 x 1,75% x € 45.000 = € 3.937,50
Totaal is dat   € 22.312,50


Bij het in het voorbeeld berekende pensioenresultaat is geen rekening gehouden met toeslagverlening. In de praktijk wordt het opgebouwde pensioen in middelloonregelingen meestal verhoogd met de loon- of prijsontwikkeling. Het pensioenresultaat valt daardoor in werkelijkheid hoger uit dan in het voorbeeld.

De middelloonregeling werd lange tijd minder toegepast dan de eindloonregeling. Door het streven naar kostenbeheersing door werkgevers en de overheid komt deze regeling echter steeds meer voor. Middelloonregelingen zijn immers, wat kosten betreft, beter beheersbaar dan door de backservice verplichtingen dure eindloonregelingen.

Beschikbare premieregelingen

In dit type pensioenregeling zegt een werkgever per werknemer jaarlijks een pensioenpremie toe. Deze pensioenpremie is een percentage van de pensioengrondslag. Met deze pensioenpremie wordt een kapitaal opgebouwd waarmee op de pensioendatum een pensioen moet worden aangekocht. Daardoor is de hoogte van het uiteindelijke pensioen niet bekend. Dat is namelijk afhankelijk van de ingelegde premies, de kosten, de rendementen en de aankooptarieven op de pensioendatum. De regelingen waarin geen uitkering maar een premie wordt toegezegd heten ook wel defined contribution-regelingen of DC-regelingen.

De onzekerheid over de hoogte van het uiteindelijke pensioen is groter, omdat die vooral bepaald wordt door de rendementen op de ingelegde premies en de aankooptarieven op de pensioendatum. Een groot voordeel van de beschikbare premieregeling is de beheersbaarheid van de kosten.

Combinatieregelingen

Een combinatieregeling is samengesteld uit twee of meer verschillende typen pensioenregelingen. Bekend is de combinatieregeling bij ploegendiensttoeslagen en bonussen: naast een eindloonregeling voor het dagdienstinkomen wordt voor het ploegendienstinkomen een middelloonregeling toegekend. Het kan echter ook zo zijn dat voor het dagdienstinkomen een combinatieregeling wordt toegekend. Bijvoorbeeld een eindloon- of middelloonregeling tot een zekere salarisgrens en voor het hogere salaris een combinatie met een beschikbare premieregeling.

De belangrijkste reden om een combinatieregeling in te voeren, is vaak het beheersbaar maken van de kosten.

Meer informatie over pensioenen vindt u in het Pensioendossier »


Kijk ook op www.ORpensioen.nl

 

0 Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Reageer op dit artikel

Naam :
E-mailadres :
Reactie
 
Onthoud mij
 

Praktijkblad Ondernemingsraad is al decennialang het toonaangevende vakblad voor de OR.


Bekijk de headlines van de meest recente uitgave »


Nog geen abonnee?
Probeer drie nummers voor € 9,99.

De gratis vragenservice van ORnet.nl geeft antwoord op veelgestelde OR-vragen. De vragen zijn afkomstig uit de praktijk. Heeft u zelf een vraag, gerelateerd aan medezeggenschap, die er nog niet bij staat?
Stel dan gratis uw OR-vraag »
De vragenservice is niet bedoeld voor individuele, arbeidsrechtelijke vragen.
 
De vragenservice wordt mede mogelijk gemaakt door GITP.