Een ogenblikje geduld, werkgever

Tekst verkleinenTekst vergroten
Tekstgrootte:
1 reacties
28 apr 2011
De ondernemingsraad van Apium Terminals in Rotterdam kreeg een keurige adviesaanvraag over het voorgenomen besluit een afdeling uit te besteden naar India.

Maar de werkgever kon vervolgens het geduld niet opbrengen te wachten tot de OR na zijn vergadering hierover een advies op papier had gezet.

Feiten

Apium Terminals Rotterdam B.V. vraagt advies aan de ondernemingsraad over het voorgenomen besluit om een afdeling uit te besteden naar India. Op 22 april 2010 vindt een overlegvergadering plaats, waarbij de ondernemingsraad wordt verzocht om advies uit te brengen. Op 13 mei 2010 laat de ondernemingsraad weten dat de kwestie eerst zal worden besproken in de OR-vergadering van 18 mei. Bij brief van 19 mei stelt de bestuurder dat de ondernemingsraad geen advies heeft uitgebracht, dat er in zijn optiek wel degelijk een redelijke termijn was gegeven om tot dat advies te komen en dat hij het besluit tot uitbesteding van de afdeling naar India heeft genomen. Vervolgens geeft de ondernemingsraad op 20 mei 2010 een negatief advies.

Ondernemingskamer

De Ondernemingskamer oordeelt dat de bestuurder de noodzaak voor het uitbrengen van een advies tot uiterlijk 18 mei 2010 onvoldoende aan de ondernemingsraad heeft toegelicht. Bovendien moest het de bestuurder bekend zijn geweest dat hij geen advies hoefde te verwachten voor 18 mei, de datum van de OR-vergadering. Hij had daarnaast gewoon op of na 18 mei bij de ondernemingsraad kunnen informeren naar de stand van zaken met betrekking tot de besluitvorming voordat hij een besluit nam. Het besluit dat is genomen zonder het advies van de ondernemingsraad af te wachten, is kennelijk onredelijk.

Commentaar

In zijn algemeenheid geldt dat een ondernemer die een voorgenomen besluit op grond van de WOR ter advisering aan de ondernemingsraad heeft voorgelegd, in beginsel pas mag overgaan tot het nemen van het besluit nadat het gevraagde advies is uitgebracht. Op dat uitgangspunt zijn wel uitzonderingen denkbaar, maar in dit geval was daarvan geen sprake.

1 Reacties

En nu de vraag wat doet de ondernemer.
Accepteert hij het negatieve advies? Legt hij het netjes een maand naast hem neer en voert hij dan zijn beslissing uit? Dat recht heeft hij en de OR kan dan weer in beroep gaan enz. Kortom leuk verhaal maar wat gebeurd er na de uitspaak. DE W.O.R. is een instrument, helaas met geen sancties of boetes, dus een papieren tijger.
Ondernemers werken vaak op deze wijze, eerst alles regelen en wanneer alles klaar is, dan pas bij de OR neerleggen. Dan wil hij dat de OR liefst gelijk beslist en lukt dat niet, dan heeft hij de pech dat hij eerst op het advies moet wachten en dat advies naast zich neer kan leggen en na 30 dagen het ten uitvoer brengen.
De OR heeft dus weinig rechtspositie met artikel 25 van de W.O.R.
Ron Ladage @ 24-05-2011 11:52 uur

Reageer op dit artikel

Naam :
E-mailadres :
Reactie
 
Onthoud mij
 

De gratis vragenservice van ORnet.nl geeft antwoord op veelgestelde OR-vragen. De vragen zijn afkomstig uit de praktijk. Heeft u zelf een vraag, gerelateerd aan medezeggenschap, die er nog niet bij staat?
Stel dan gratis uw OR-vraag »
De vragenservice is niet bedoeld voor individuele, arbeidsrechtelijke vragen.
 
De vragenservice wordt mede mogelijk gemaakt door GITP.

Praktijkblad Ondernemingsraad is al decennialang het toonaangevende vakblad voor de OR.


Bekijk de headlines van de meest recente uitgave »


Nog geen abonnee?
Probeer drie nummers voor € 9,99.