Medeondernemerschap

Tekst verkleinenTekst vergroten
Tekstgrootte:
0 reacties
06 mei 2011
Een Belgische luchtvaartmaatschappij met een Nederlandse tak neemt beslissingen waardoor de Nederlandse luchtvaartmaatschappij verandert in een personeelsmaatschappij. De ondernemingsraad heeft dan wel degelijk inspraak.

Feiten

VLM België heeft een tweetal besluiten genomen waarvoor het geen advies heeft gevraagd aan de ondernemingsraad van VLM Nederland. De besluiten gaan enerzijds over de wijziging van de statuten (te weten de doelomschrijving en naam) van VLM Nederland en anderzijds over het toepassen van een leaseovereenkomst tussen VLM België en CityJet op VLM Nederland.

Door deze besluiten verandert VLM Nederland feitelijk van een zelfstandige luchtvaartmaatschappij in een personeelsmaatschappij. De ondernemingsraad vindt dat hierdoor sprake is van een belangrijke wijziging van de bedrijfsactiviteiten.Ook de overeenkomst met CityJet levert een belangrijke wijziging van de bedrijfsactiviteiten op. De ondernemer stelt dat de statutenwijziging beter aansluit bij de werkelijkheid. De besluiten hoeven bovendien niet ter advisering te worden voorgelegd aan de ondernemingsraad omdat het Belgische besluiten zijn. Ze vallen daardoor buiten het toepassingsbereik van de Nederlandse vennootschap.

Ondernemingskamer

De Ondernemingskamer volgt VLM niet in haar betogen. Door wijziging van de doelomschrijving wordt VLM Nederland feitelijk een personeelsbeheermaatschappij voor VLM België in plaats van een luchtvaartmaatschappij. Dit kan eenvoudig doorgaan voor een belangrijke wijziging van de bedrijfsactiviteiten waarover advies gevraagd had moeten worden aan de ondernemingsraad. Van belang is verder dat VLM België als medeondernemer moet worden gezien (vanwege invloed op besluitvorming van de Nederlandse vennootschap), dat besluiten van het Belgische bestuur ook aan de Nederlandse vennootschap zijn toe te rekenen en hierover dus ook advies aan de Nederlandse ondernemingsraad moet worden gevraagd.

Commentaar

Als een onderneming een zodanige positie ten opzichte van een dochteronderneming inneemt dat zij deze mede in stand houdt, kun je spreken van medeondernemerschap. Voor het nemen van besluiten mag deze onderneming dan niet voorbijgaan aan het adviesrecht van de ondernemingsraad van de dochteronderneming, in dit geval in Nederland.

0 Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Reageer op dit artikel

Naam :
E-mailadres :
Reactie
 
Onthoud mij
 

De gratis vragenservice van ORnet.nl geeft antwoord op veelgestelde OR-vragen. De vragen zijn afkomstig uit de praktijk. Heeft u zelf een vraag, gerelateerd aan medezeggenschap, die er nog niet bij staat?
Stel dan gratis uw OR-vraag »
De vragenservice is niet bedoeld voor individuele, arbeidsrechtelijke vragen.
 
De vragenservice wordt mede mogelijk gemaakt door GITP.

Praktijkblad Ondernemingsraad is al decennialang het toonaangevende vakblad voor de OR.


Bekijk de headlines van de meest recente uitgave »


Nog geen abonnee?
Probeer drie nummers voor € 9,99.